De witte bolide staat ons al op te wachten als we bij het huis van Ben en echtgenote Annie in Ter Apel arriveren. Ook zoon Erwin, tegenwoordig de voornaamste bestuurder van de sportieve Japanner, is present. Ben: “Mijn werkzame leven in de aluminiumbouw bracht mij door het hele land. Zo was ik eind 1993 in Raamsdonksveer om na gedane arbeid een bezoekje te brengen aan het Nationaal Automobielmuseum dat daar toen zat. Daar zag ik een heel rijtje witte en rode Carina E’s staan. Een Toyota-medewerker vertelde mij dat dit de GTI-versie was, maar omdat deze koplamphoogteverstelling noch bestuurdersairbag had, moesten ze weg. Met zijn trekgewicht van 1.400 kilo leek mij zo’n GTI een mooie opvolger voor onze Carina II, die tot dan toe jaarlijks ons gezin plus caravan naar Karinthië reed. Ik toonde interesse en korte tijd later werd ik gebeld door de Emmense Toyota-dealer. Die had een witte binnengekregen die voor een mooie prijs weg mocht. We hebben er minder voor betaald dan de prijs van de zwakkere 2.0 GTSI! Kon ik er nog mooi fabrieksairco op laten zetten.” Jarenlang deed de Carina-topper trouw dienst. “Onze dochter Renate heeft nog een rondreis door Italië ermee afgelegd: 6.000 kilometer!” Maar toen Ben auto’s-van-de-zaak kreeg, werd het rustiger rond de GTI. Wegdoen was echter geen optie: “Niet nodig: er was bijna nooit wat mee”, aldus Ben. Maar nu dus wel. Gebonk Ben vertelt dat de draagarm rechtsvoor aan vervanging toe is, omdat het rubber ervan is vergaan. Het veroorzaakt tijdens het rijden een onheilspellend gebonk. “De auto is zojuist weer goedgekeurd, maar de volgende keer zou het zomaar einde verhaal kunnen zijn, gaf de keurmeester aan. Helaas zijn die draagarmen met het onderdeelnummer 48605-12200 niet meer te vinden. De Carina E werd in Groot-Brittannië gebouwd, maar de GTI kwam uit Japan en was voorzien van een zogeheten superstrut-onderstel. De auto mag 32 jaar oud zijn, maar heeft nog geen 151.000 kilometer gereden.” We begrijpen Ben wel. Zo’n automobiele zeldzaamheid naar de sloop brengen vanwege die ene draagarm, dat kan niet. Deze Carina E GTI schijnt zelfs het enige Nederlandse exemplaar te zijn. De vraag is nu: wie kan Ben helpen, want zelf heeft hij al het nodige gedaan. Zo heeft hij Toyota aangeschreven, zoektochten op internet ondernomen … met nul resultaat. “Er is een aanknopingspunt: de toenmalige Celica heeft hetzelfde superstrut-onderstel.” Kijk, dat is al iets. Ben geeft graag zijn e-mailadres voor tips: b.lammerink@gmail.com. Want deze unieke vierwieler moet op de weg blijven, nietwaar? Hoe loopt dit af?
Autobianchi’s laatste model, de Y10, werd buiten Italië en dus ook in Nederland als Lancia Y10 verkocht. Op een hele treurige manier zou je dat grappig kunnen vinden, omdat Lancia jaren later zelf louter tot Italië beperkt zou blijven en nu trouwens ondanks de Europabrede heropleving voor flink wat uitdagingen staat. Stellantis doet er dan ook goed aan om Autobianchi niet als merk te laten herleven, want met DS en Lancia lijkt dit segment meer dan afgedekt. Autobianchi keert echter terug als speciale, extra chique editie van de Pandina. Dat is de naam die op de ‘oude’ Panda prijkt sinds de nieuwe Grande Panda er is. Als basis dient de Pandina Cross, dus we praten over een auto met stoere bumpers en zwarte wielkastranden. De Fiat Pandina Tributo Autobianchi heeft daarnaast een unieke ‘Platino’-lakkleur, 15-inch lichtmetaal en een licht interieur dat dezelfde Platino-tint combineert met zandkleurige stoelbekleding. Uiteraard zijn er logo’s en typeplaatjes. Het leukste kenmerk van de Tributo Autobianchi is misschien wel de achterklep, die net als bij de Y10 in het zwart kan worden uitgevoerd. Ook hier is dat een optie, dus een versie met een in carrosseriekleur gespoten klep is er ook. Dertig jaar geleden De Pandina Tributo Autobianchi is zoals alle Pandina’s een mild-hybride met een handbak en 65 pk. Hij wordt niet toevallig juist nu gepresenteerd, want in oktober 2026 is het precies dertig jaar geleden dat de laatste Autobianchi Y10 op kenteken werd gezet. Autobianchi Y10 Dat de nieuwe ‘Autobianchi’ eigenlijk gewoon een chique Panda is, valt nog best te verdedigen. Zo’n Y10 was dat in feite ook en deelde zijn techniek met de Panda, al had het historische model een geheel eigen carrosserie en interieur. Sinds 2007 wordt de markt voor chique Panda's overigens op zeer vaardige wijze opgevangen door de Fiat 500, maar dat weerhoudt Fiat niet van deze speciale editie van de Pandina. Of de Fiat Pandina Tributo Autobianchi ook naar Nederland komt, is nog niet duidelijk. De importeur zegt het nog te onderzoeken, dus ook daar vinden we nog geen uitsluitsel. Europa's nummer 1 door Italië De Fiat Pandina is trouwens razend populair, maar vooral in Italië. Daar verkocht het merk er in de eerste negen maanden van 2026 maar liefst 86.000. Dat is uit ons hoofd 86 procent van de totale Europese Pandina-verkopen van 100.000 stuks, maar die 100.000 auto’s leveren de Pandina mooi wel de eerste positie van het A-segment in heel Europa op. Bedankt, Italië!




